De huisstofmijt komt overal ter wereld voor waar de relatieve luchtvochtigheid hoog genoeg is. Ideale omstandigheden voor de huisstofmijt zijn temperaturen tussen de 20–30 °Celsius en een relatieve luchtvochtigheid van 60–80%. Huisstofmijten kunnen niet drinken maar onttrekken direct vocht aan de lucht om te leven. Huisstofmijten kunnen niet tegen direct zonlicht en leven daarom bij voorkeur in het donker. Een belangrijke voedingsbron voor de huisstofmijt zijn huidschilfers van mensen en dieren. Matrassen, hoofdkussens en stoffen van meubilair zijn daarmee een ideale leefomgeving voor de huisstofmijt, waar de mens ongewild zowel voor voedsel als vocht zorgt. Huisstofmijten komen ook voor op beschimmelde muren en in tapijt.
De uitwerpselen en vervellingshuidjes van de huisstofmijt kunnen gezondheidsklachten veroorzaken bij de mens, zoals allergische reacties (waaronder astma en eczeem). Naar schatting heeft 5 tot 10% van de mensen een huisstofmijtallergie.

